Over de bij

en andere bestuivers

  • Home
  • Over de bij en andere bestuivers

Over de bij en andere bestuivers

 

Vliezige vleugels

Bijen en hommels zijn familie van de wespen en de mieren; ze behoren allemaal tot de orde van de Hymenoptera ofwel de vliesvleugelige insecten. Ze heten zo naar hun dunne doorzichtige vleugels, waarvan ze er vier hebben, twee aan iedere kant. Voor- en achtervleugel zijn aan elkaar gehaakt tijdens het vliegen; in rust liggen de vleugels over elkaar heen op het achterlijf.

 

Legboor of angel

Nederland kent meer dan 5300 soorten vliesvleugelen, vooral sluipwespen. Ze hebben een legboor waarmee ze hun eitjes leggen. Bij sommige soorten is de legboor veranderd in een angel om zich mee te verdedigen of om een prooidier mee te verlammen. Deze groep angeldragers (Aculeata) telt in Nederland ongeveer 840 soorten: zo’n 360 soorten bijen en hommels, 60 soorten mieren en 420 soorten wespen. Ze hebben een aparte opening om eitjes te leggen, want in de oorspronkelijke legboor zit de angel nu in de weg. Dat geldt uiteraard alleen voor de vrouwtjes, want mannetjes leggen geen eitjes. Zij hebben ook geen angel en kunnen dus niet steken.

 

Sociaal en solitair

Hommels, mieren, een tiental wespensoorten en de honingbij leven in volken met een koningin en werksters. Die insecten noemen we sociale soorten. Veruit de meeste insecten leven echter solitair. Dat betekent dat het vrouwtje in haar eentje het nageslacht verzorgt. Het mannetje zorgt slechts voor de bevruchting. Dat geldt trouwens ook voor de mannetjes van de sociale soorten: ook zij zorgen alleen voor de bevruchting.

 

Vegetarische wespen

Volwassen bijen en wespen leven van zoetigheid als energiebron. Ze halen hun suiker vaak uit de nectar van bloemen. Hun larven hebben vooral eiwit nodig om te groeien. Wespenlarven zijn vleeseters; zij krijgen andere insecten of aas te eten. In ruil voor het eiwit scheiden de larven van sociale wespen een zoete vloeistof uit voor de werksters. Als er geen larven meer zijn aan het eind van de zomer, moeten de werksters op zoek naar andere bronnen van zoetigheid, zoals nectar of rottend fruit.

 

Bijen zijn vegetarisch: zij leven van bloemen. Het stuifmeel levert de eiwitten voor de larven en de nectar levert energie. Verschillende soorten stuifmeel bevatten net weer andere eiwitten. Sommige bijen voeden hun larven met één bepaalde soort bloemen. Andere soorten zijn minder kieskeurig; zij verzamelen verschillende soorten stuifmeel.

 

Ondergronds en bovengronds

De meeste bijenhotels staan bovengronds, maar 70% van de Nederlandse bijensoorten nestelt ondergronds. Zij graven gangetjes en soms complete gangenstelsels uit, met kamertjes waarin ze hun eitjes leggen op een bolletje voedsel van stuifmeel en nectar. Het zand onder stoeptegels en terrasstenen is heel geschikt en in de zomer zie je dan kleine hoopjes zand rond een gaatje in de voeg. Dat kan van een mierennest of van een worm zijn, maar heel vaak is het de ingang van een bijennestje.

Zo’n 20% van de bijen nestelt in dood hout of plantenstengels. Ze maken gebruik van gangen die keverlarven geknaagd hebben in dood hout, of nestelen in de holle plantenstengels van braam, vlier of riet.

De overige bijen hebben weer andere wensen. Er zijn soorten die nestelen in lege slakkenhuizen. Andere zoeken holtes in de muur. Sommige hommels maken gebruik van oude muizennesten, andere van een leeg nestkastje voor de mezen.

 

Valsspelers

Koekoeksbijen spelen vals: ze leggen, net als de koekoek, hun ei in het nest van een andere bij en maken zich dan uit de voeten. De andere bij draait op voor de verzorging van hun nageslacht. Er zijn in Nederland ongeveer 100 soorten koekoeksbijen, waaronder 7 hommelsoorten.

 

Wild of woest?

Wilde bijen zijn niet gevaarlijker dan andere bijen. Sommige bijen zijn hun angel in de loop van de evolutie weer kwijtgeraakt en kunnen dus helemaal niet steken. Solitaire bijen steken alleen als ze klem zitten, en dan nog komt hun angel vaak niet door de huid heen. Hommels zijn sociale bijen; zij zullen hun nest verdedigen als ze zich ernstig bedreigd voelen. Maar als je voorzichtig bent zullen ze je niet steken. De enige bijensoort die best woest kan worden is de honingbij, maar die beschouwen we niet als een wilde diersoort. Ze worden immers door imkers gehouden.

 

Zweefvliegen

En dan hebben we ook nog zweefvliegen. Geen vliesvleugeligen, maar ze lijken er soms sprekend op. Volwassen zweefvliegen voeden zich met stuifmeel en nectar, en spelen zo dus ook een belangrijke rol in de bestuiving.

 

Verder lezen

http://www.bestuivers.nl/

https://www.wegwijzerbestuivers.nl/

Zoekkaarten (EIS): http://www.eis-nederland.nl/zoekkaarten

 

Praat mee

            

Blijf op de hoogte. Abonneer je op onze nieuwsbrief!

Ontvang updates over nieuwe producten, bijeenkomsten en nog veel meer. Jouw informatie wordt niet gedeeld met derden en je kunt je uitschrijven wanneer je maar wil.